De Paradijsvogelbloem heeft een gemiddelde waterbehoefte en gedijt goed als je een regelmatig gietschema aanhoudt. Geef hem in de zomer ongeveer eens per week water, waarbij je wacht tot de grond na een week net droog is. In de winter mag je de watergift iets verminderen: geef hem nog steeds zo'n eens per week, maar in een kleinere hoeveelheid. Als je vulcastrat in de pot gebruikt, kun je in de winter zelfs volstaan met eens per twee weken. Controleer voor elke beurt de grond door twee knokkels diep te voelen: is de grond nog vochtig, dan wacht je gewoon iets langer. Laat nooit de wortels in water staan, want dat is de snelste weg naar wortelrot. De Paradijsvogelbloem is matig droogtetolerant, dus een klein beetje uitdrogen is prima, maar langdurige droogte pakt toch slecht uit.
De Paradijsvogelbloem stelt gemiddelde eisen aan de luchtvochtigheid en voelt zich prettig in een normale huiskameromgeving. Regelmatig besproeien helpt niet alleen om stof van de bladeren te verwijderen, maar verhoogt ook de luchtvochtigheid rondom de plant. Let op het blad als signaal: krullende bladeren zijn een duidelijk teken dat de luchtvochtigheid te laag is. Verhoog in dat geval de vochtigheid door vaker te sproeien of een luchtbevochtiger in de buurt te plaatsen. Als extra voordeel zuivert de Paradijsvogelbloem ook de lucht in je woning, wat hem een waardevolle toevoeging maakt voor elk interieur.
De Paradijsvogelbloem is een echte zonneklopper en heeft zoveel mogelijk licht nodig, bij voorkeur direct zonlicht. Zet hem altijd direct voor een raam, het liefst op een zuidgerichte positie die de meeste uren zonlicht biedt. Zonder voldoende licht zal de plant niet bloeien en verloopt de groei aanzienlijk trager. De plant is matig gevoelig voor tocht, maar bladscheuren zijn volkomen normaal en horen bij zijn karakter. In de zomer profiteert de Paradijsvogelbloem sterk van een plekje buiten. Acclimatiseer hem dan wel geleidelijk aan het directe buitenzonlicht om verbranding te voorkomen, zeker als hij de winter binnenshuis heeft doorgebracht.
De Paradijsvogelbloem groeit het beste bij een temperatuur tussen 18 en 28°C en kan kortdurend zelfs lichte vorst overleven tot 0°C, al is dat geen aanbeveling. Zorg dat de plant 's winters niet te koud staat: een koele rustperiode rond 10°C kan de bloei juist stimuleren, maar onder het vriespunt wil je hem echt niet laten staan. De plant is matig gevoelig voor tocht; bladscheuren die daardoor ontstaan zijn normaal en vormen geen gevaar, maar aanhoudende tocht in combinatie met koude lucht kan de plant verzwakken. Vermijd directe plaatsing nabij airco's of kieren in de winter.
Geef de Paradijsvogelbloem pas na 6 tot 8 weken na het verpotten of de start van het groeiseizoen voeding, zodat de wortels de tijd krijgen om te herstellen. Gebruik algemene kamerplantenvoeding en geef dit uitsluitend in de lente en zomer, wanneer de plant actief groeit. In de winter heeft de Paradijsvogelbloem een rustperiode en heeft hij minimale voeding nodig; in dit seizoen geef je dus helemaal geen of nauwelijks mest. Door niet te overdrijven met voeding voorkom je zoutophoping in de grond, wat de wortels kan beschadigen.
Verpot de Paradijsvogelbloem eens per twee jaar, bij voorkeur in de lente wanneer de groei weer op gang komt. Kies een nieuwe pot die minimaal 20% groter is dan de huidige, zodat de wortels voldoende ruimte hebben om te groeien. Gebruik kokos potgrond, die zorgt voor een goede waterbalans: hij houdt vocht vast maar droogt ook goed door, waardoor de wortels nooit te lang nat staan. Let bij het verpotten op de wortels: zijn ze sterk om de kluit gewikkeld, dan is het zeker tijd. Na het verpotten geef je de plant een week de tijd om te acclimatiseren voordat je weer met bemesting begint.
Veelvoorkomende problemen en oplossingen
bruine bladeren: bruine bladeren aan de onderzijde van de plant zijn vaak gewoon oud blad dat afsterft, en dat is volkomen normaal. Krijg je bruine vlekken of slappe bladeren hoger in de plant, dan is de kans groot dat je te veel water geeft. Laat de grond dan eerst goed opdrogen voordat je opnieuw giet en controleer of de pot goed afwatert.
krullend blad: als de bladeren van je Paradijsvogelbloem beginnen te krullen, is dat meestal een signaal van te weinig licht of een te lage luchtvochtigheid. Zet de plant dichter bij het raam en besproei de bladeren vaker met water bij kamertemperatuur. In droge periodes, zoals in de winter met de verwarming aan, kan een luchtbevochtiger uitkomst bieden.
schildluis en spint: deze veelvoorkomende plagen nestelen zich graag in de okselhoeken van bladeren of aan de onderzijde. Bij schildluis zie je kleine bruine dopjes op de stengels; bij spint merk je fijne webjes en misvormde blaadjes. Behandel de plant bij een besmetting met insectenzeep of neem-olie en herhaal de behandeling wekelijks totdat de plaag verdwenen is. Controleer nieuwe planten altijd voor je ze bij andere planten zet.
giftigheid: de Paradijsvogelbloem is licht giftig. Het blad kan schadelijk zijn bij inname en kan maag-darmklachten veroorzaken bij mensen en huisdieren. Volgens ASPCA is de plant niet giftig voor katten, honden of paarden, maar ook bij dieren is inname af te raden vanwege mogelijke gastro-intestinale irritatie. Houd de plant buiten bereik van kleine kinderen en huisdieren die aan bladeren knagen.