Water geven
De Vrouwentong heeft een zeer lage waterbehoefte en is een van de gemakkelijkste planten als het gaat om water geven. In de zomer geef je water eens per twee weken, maar wacht altijd tot de grond volledig droog is voor je opnieuw giet. In de winter volstaat het om eens per zes tot acht weken te gieten — de plant heeft in de koude maanden nauwelijks water nodig. Het grootste gevaar bij de Vrouwentong is overgieten: wortelrot is veruit de meest voorkomende oorzaak van problemen. Controleer de grond altijd twee knokkels diep met je vinger voordat je water geeft; voelt de grond nog vochtig aan, dan wacht je gewoon nog een week. Bij twijfel is het altijd beter om géén water te geven — deze plant vergeeft droogte veel gemakkelijker dan te veel water. De droogtetolerantie van de Vrouwentong is uitzonderlijk hoog, waardoor ze perfect is voor mensen die weleens vergeten te gieten.











