Cactussen hebben heel weinig water nodig en zijn van nature gewend aan langdurige droogte. In de zomer geef je eens per twee tot drie weken een klein beetje water, pas nadat de grond volledig is opgedroogd. In de winter kun je het gieten bijna helemaal staken: eens per zes tot acht weken een klein scheutje is voldoende, en bij een koele overwinteringsplek mag je zelfs helemaal stoppen. Giet altijd direct op de grond en nooit bovenop de plant, want vocht tussen de ribben of op de stam leidt snel tot schimmel. Laat nooit water in de schotel staan. Liever een keertje te weinig dan te veel, want overwatering is veruit de meestvoorkomende doodsoorzaak bij cactussen.
Cactussen komen uit droge woestijn- en steppe-gebieden en zijn gebouwd op lage luchtvochtigheid. Sproei ze nooit, want extra vocht op de plant vergroot het risico op schimmelinfecties aanzienlijk. Een normale huiskamerlucht is prima, zelfs als die aan de droge kant is door verwarming. In tegenstelling tot de meeste kamerplanten gedijen cactussen juist beter in droge lucht. Een badkamer of andere vochtige ruimte is dan ook geen geschikte plek.
Cactussen zijn zonliefhebbers en hebben zoveel mogelijk direct zonlicht nodig. Een zuidraam is ideaal, of anders een oost- of westraam zo dicht mogelijk bij het glas. In een te donkere hoek gaan cactussen zich uitrekken richting het licht en worden ze langgerekt en bleek. Als je een cactus in de zomer naar buiten zet, laat hem dan geleidelijk wennen aan het buitenlicht om verbranding te voorkomen. Buiten wil je ze beschut tegen langdurige regenbuien plaatsen.
Overdag houden cactussen van warmte, een temperatuur tussen 18 en 28 graden Celsius is ideaal in het groeiseizoen. Wat veel mensen niet weten is dat cactussen in de winter juist een koele rustperiode nodig hebben om te kunnen bloeien. Een plek van 5 tot 10 graden is perfect voor die winterrust, denk aan een onverwarmde slaapkamer, garage of trappenhuis. Tocht is geen probleem, cactussen zijn daar niet gevoelig voor. Vermijd wel langdurige vorst, want de meeste kamerscactussen verdragen geen temperaturen onder het vriespunt.
Geef cactussen eens per maand voeding tijdens het groeiseizoen, van april tot en met september. Gebruik hiervoor speciale cactusvoeding die laag is in stikstof, want te veel stikstof maakt het weefsel zacht en kwetsbaar. Verdun de voeding altijd volgens de aanwijzingen op de verpakking. In de winter geef je helemaal geen voeding, de plant rust dan en kan extra voedingsstoffen niet opnemen. Overbemesting is schadelijker dan te weinig voeding, dus wees spaarzaam.
Cactussen groeien langzaam en hoeven maar eens per drie tot vier jaar verpot te worden. Gebruik altijd speciale cactusgrond gemengd met extra perliet of grof zand voor optimale drainage. Kies een pot die slechts iets groter is dan de wortelkluit, cactussen houden van krappe potten en in een te grote pot blijft de grond te lang nat. Verpot bij voorkeur in de lente, aan het begin van het groeiseizoen. Draag dikke handschoenen of wikkel de cactus in een opgevouwen krant om prikletsel te voorkomen.
Veelvoorkomende problemen en oplossingen
slap of gerimpeld: Een slappe of gerimpelde cactus in de zomer heeft waarschijnlijk te weinig water gehad. Geef voorzichtig een beetje water en herhaal dit na een paar dagen. Als de cactus in de winter slap wordt en de grond vochtig is, dan is overwatering het probleem en zijn de wortels mogelijk aan het rotten. Haal de plant uit de pot, verwijder rotte wortels en laat de resterende wortels een paar dagen drogen voordat je hem in verse, droge cactusgrond plant.
bruine verkleuring bovenop: Bruine vlekken aan de bovenkant van de cactus wijzen op zonnebrand. Dit gebeurt wanneer een cactus die lang binnen heeft gestaan plotseling in de volle zon wordt gezet. De schade is helaas blijvend, maar de plant groeit erover heen. Laat een cactus altijd geleidelijk wennen aan feller licht.
langgerekt en bleek: Een cactus die er langgerekt en bleek uitziet, krijgt te weinig licht. De plant strekt zich letterlijk uit om meer licht te vangen. Verplaats hem naar een zonniger plek. De vervorming gaat niet meer weg, maar nieuwe groei zal weer compacter zijn.
gele of zwarte zachte plekken: Zachte gele of zwarte plekken duiden op wortelrot door te veel water of slechte drainage. Snij het rotte deel weg met een schoon mes, laat de wond drogen en plant de cactus in verse cactusgrond in een pot met drainagegat. Pas je gietschema aan.